Zwart IJs

(documentaire van Geertjan Lassche, uitgezonden 1 januari 2014 Nederland 2)

Na diverse voorpublicaties en interviews was ik nieuwsgierig geworden naar de documentaire van Geertjan Lassche. Het beloofde een eerlijk en integer portret te worden van topsport op de Biblebelt: hoe verdragen die beide zich met elkaar, zal ik mezelf er ook in herkennen of juist helemaal niet, enz. Dus ging ik kijken, samen met enkele anderen.

Verbonden?

Voel ik me verbonden met deze BibleBelters? Ik vond het moeilijk om ergens bij aan te haken. Eerder voelde ik een soort vervreemding. Hieronder leg ik dat uit.

In de documentaire worden drie topschaatsers geportretteerd: René Ruitenberg, André Klompmaker en Geert-Jan van der Wal. Alle drie deel uitmakend van geloofsgemeenschappen en -tradities die verbonden zijn met wat we kennen als de BibleBelt. Maar ook alle drie verschillend in de manier waarop ze die achtergrond verwerken en in hun leven een plek geven.

Ruitenberg wordt na een ingrijpende gebeurtenis een bevlogen evangelische christen en dito spreker/voorganger. De beide anderen blijven deel uitmaken van hun zwaar-kerkelijke traditionele gemeenschappen.

Opvallend was de reactie van een jongere met wie ik keek: hij vond Ruitenberg een gladde praatjesmaker die graag een podium heeft. Exploiteert hij eigenlijk niet de dood van zijn schoonzus om zelf opnieuw te schitteren, nu voor een gewillig gehoor in evangelische samenkomsten? Wat opa Klompmaker op een gegeven moment zegt over Ruitenberg (“het is allemaal nogal veel ‘ik’ “), is dat niet de spijker op z’n kop?

Maar wat dan, voel ik me dan meer verbonden met zo’n klassiek hervormde kerkdienst en dito dominee? Ik vond dat nogal confronterend: dat toontje, die prekerigheid, dat gemoraliseer, die liederen, die kerkcultuur met orgel, hoedjes en pakken….

Maar opnieuw die reactie van die jongere medekijker: die man had tenminste wat te vertellen, dat had inhoud, er was een boodschap! Ruitenbergs verhaaltje vond hij een kunstje dat hij telkens opnieuw opvoert. Die reactie hielp mij zelf om enkele dingen uit elkaar te halen, die bij mij tijdens het kijken nogal door elkaar heen speelden: ik voel afstand tot die kerkcultuur, maar dat komt voort uit mijn affiniteit met zoekers en mensen op en over de rand van de kerk (ik kijk als het ware door hun bril). Bovendien worstel ik zelf altijd weer met die cocon waar ik zelf ook in zit: die hele korst van kerkcultuur en -taal. Hoe laat ik mensen voelen en zien, dat God zelf zijn weg zoekt naar jouw hart, terwijl ik dat sta te communiceren in de uit oud hout gesneden taal en vormen van de kerkelijke traditie en cultuur? Hoe werken we eraan, dat de wereld van de kerk en de wereld van moderne mensen kunnen samenvallen? Vanuit dat perspectief vond ik die beelden van traditionele kerkdiensten afstotend. Maar als ik het door de ogen van die andere kijker probeer te zien, dan moet inderdaad gezegd worden, er was wel boodschap, een relevant verhaal. Als dominee/voorganger moet ik oppassen voor dat gemoraliseer vanaf de kansel. Maar gelukkig kreeg ik de feedback dat ik dat nu juist niet doe: ik bevraag mensen, doe een appel op hun eigen volwassen geloofskeuzes, en neem zo de hoorders wel serieus.

Zondag

En dan nog een thema in deze docu: de zondag en de zondagsrust. Het beeld in de samenleving is: voor kerkmensen is zondagsrust een heilige regel. Maar dat is een vertekend beeld van wat de bijbelse boodschap echt beoogt: dat je leeft vanuit je verbondenheid met God. Christen zijn is niet leven vanuit en met regels, maar leven vanuit de vrijheid van Christus. De Bijbel waarschuwt zelfs tegen het wettisch omgaan met regels over heilige dagen en tijden (zie wat Jezus zelf zegt in Marcus 2, en Paulus in Kolossenzen 2!). Dat betekent dat je keuzes niet altijd bij voorbaat vastliggen. Het is goed denkbaar, dat je per situatie andere keuzes maakt. Die dilemma’s zal ik in mijn eigen leven minder tegenkomen dan topsporters of topmusici. Weer de reactie van een jongere: je hebt je lichaam en je capaciteiten toch niet gekregen om er vervolgens niets mee te doen??

Toch was een reactie ook: is dat niet inconsequent, moet je niet zeggen regel is regel? Dat is toch duidelijk, dat geeft toch heldere keuzes? Tja, toch is dat soort helderheid in mijn ogen verleden tijd en ik ben daar blij mee. Eens was er een tijd waarin dit soort keuzes voor ons niet bestonden: het lag allemaal simpel, zwart-wit, goed-fout. Maar dat heeft ook meer dan eens geleid tot onbarmhartigheid en veroordeling. Dat willen we niet meer en moeten we niet meer willen. Dan is die nieuwtestamentische benadering van de geboden juist bevrijdend. Daarin vind je ook een uitspraak als : “wat niet uit geloof is, is zonde”. M.a.w.: je moet altijd praten en doordenken over motieven, wat beweegt je, waaróm maak je bepaalde keuzes. En dan ligt het niet altijd als een automatisme vast wat je wel of niet doet. Positief is het echter van belang, dat je altijd kiest vanuit overtuiging, vanuit je verbondenheid met God. Doe wat je wilt, en doe alles om hem te eren.

Angst en ontzag

Tenslotte een aangrijpend element in de documentaire: de angst voor de hel, de voortdurende onzekerheid of je wel na dit leven bij God in het eeuwige leven komt… Terecht werd in het interview met Geertjan Lassche op Radio 1 gezegd: dit is een heel teer en integer moment in de film, als opa Klompmaker die vrees uitspreekt. Maar ook de uitspraak van de jongere generatie: er is toch ook genade, vergeving mogelijk? Het gaat hier om een oprechte worsteling bij veel gelovigen op de BibleBelt. Zijn mijn zonden niet te zwaar, kan ik ooit voor God verschijnen? “Als ik in de spiegel kijk, staat daar ook een zwart mens”, zegt iemand. Dat maakt hem nederig, hij kijkt niet neer op ‘ongelovigen’ die wel op zondag schaatsen, want: ben ik dan beter? Dat is mooi.

Toch bekruipt me ook hierbij een gevoel van vervreemding. Het is goed, als wij meer onder ogen zien dat Gods genade niet vanzelfsprekend of goedkoop is. Dat we onder de indruk zijn van Gods heiligheid en het wonder van zijn vergeving. Tegelijk is het evangelie wel goed nieuws, blijde boodschap, van liefde en genade. Deze gelovigen leven met een andere God! God is voor hen vooral de Almachtige, de Schepper (die ook het natuurijs maakt…), de Soevereine Vorst die zijn beslissingen neemt en zijn plannen heeft en die te vrezen is. God komt niet dichtbij, het wordt nooit vertrouwd tussen God en jou. En bovendien: het blijft toch ergens ook een uiterlijke traditie, dat geloof van de BibleBelt. Het zijn slechts momenten waarop ze vrezen, maar het leven zelf is hard wark’n, gaan voor de eerste prijs. Het geloof is toch ook weer vrij marginaal, een cultuur van kerkelijkheid en conventies. Daarmee oordeel ik niet over integere momenten van ernstig met God willen leven, die je ziet in de film. Maar tegelijk zie ik deze zoektocht naar het hart van God als de verkeerde route. Het lijkt mooi als de mens zo klein wordt gemaakt, tegenover Gods oneindige grootheid. Maar het kan ook weer een manier worden om God van je af te houden en intussen je eigen weg te gaan. Zelfbedrog, ‘drogredenen’, het ligt altijd op de loer voor ieder die gelooft. Hoe zullen wij ooit onze diepste motieven doorgronden? Daarom moeten we bidden: doorgrond mij en ken mij, Heer, en zie of er bij mij een heilloze weg is.

You may also like...

1 reactie

  1. Ellemieke schreef:

    Inspiratie vanuit een lezing over regelarme zorg van Andries Baart bijzonder hoogleraar presentie en zorg

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *